Verhoudingen · begrip
Breuk: een deel van een geheel
Een breuk laat zien hoeveel je hebt van een verdeeld geheel: ¾ pizza, ½ liter. Het getal onder de streep zegt in hoeveel stukken je deelt, het getal erboven hoeveel je er pakt.
Uitleg
Wat is een breuk?
Een breuk bestaat uit twee getallen met een streep ertussen. Het getal onder de streep is de noemer: in hoeveel gelijke stukken je het geheel verdeelt. Het getal erboven is de teller: hoeveel van die stukken je pakt. Bij ⅜ deel je in 8 stukken en pak je er 3.
Een breuk is dus een manier om een verhouding op te schrijven. En je kunt elke breuk omrekenen naar een procent: ⅜ = 3 ÷ 8 = 0,375 = 37,5%.
Aanpak
Werken met breuken
Drie dingen die je het vaakst nodig hebt bij breuken.
Vereenvoudigen
Deel boven en onder
Deel teller én noemer door hetzelfde getal. De breuk wordt kleiner geschreven maar blijft gelijk.
= 3/4
Naar procent
Teller ÷ noemer × 100
Deel de teller door de noemer en maak er een percentage van.
= 75%
Deel van bedrag
Pak je deel
Deel door de noemer, vermenigvuldig met de teller.
20 ÷ 4 × 3 = €15
Voorbeelden
Probeer ze zelf
Reken eerst zelf uit. Klik daarna op “Bekijk antwoord” voor de oplossing met uitleg.
Schrijf 10/15 zo eenvoudig mogelijk.
Bekijk antwoord+
Hoeveel is ⅖ van €30?
Bekijk antwoord+
Welk percentage is ⅝?
Bekijk antwoord+
Wat is groter: ⅔ of ¾?
Bekijk antwoord+
Veelgemaakte fout
Denken dat een grotere noemer een grotere breuk is
Bij ⅛ en ½ lijkt 8 groter dan 2, dus zou ⅛ groter moeten zijn? Nee — hoe meer stukken je maakt, hoe kleiner elk stuk. ½ is veel groter dan ⅛.
⅛ > ½ want 8 > 2 ½ > ⅛: meer stukken = kleinere stukken
Gratis weggever
Download het gratis oefenblad breuken
Vereenvoudigen, vergelijken en van breuk naar procent — met antwoorden. Direct als pdf.
Oefenblad
Breuken oefenen
- Teller & noemer
- Vereenvoudigen
- Breuk → procent
- Met antwoorden
Veelgestelde vragen